Al meer dan een eeuw zijn de bakkers van Schaafsma vroeg uit de veren. In oktober 1897 kocht Anne D. Schaafsma, een “feint” (knecht) uit het FrieseĀ  Oosterend, de bakkerij aan de Dijkstraat 46 in Franeker. Anne Schaafsma en Atje Rollema - zijn aanstaande bruid - moesten meteen flink aan de slag, want de spoeling was dun en de concurrentie groot. Er waren in de regio tientallen bakkerijen. Luxe deegwaren werden nauwelijks verkocht. Brood, roggebrood en scheepsbeschuit, dat aten de mensen. De honger moest gestild.

Anne D. Schaafsma zou de bakkerij uiteindelijk 46 jaar leiden. In 1942 stierf hij. Zoon Durk (1900-1993), al jaren zijn belangrijkste assistent nam de zaak over. Durk bakte en zijn jongere broer Sietse regelde de verkoop. Na de tweede wereldoorlog innoveerde het bedrijf voortdurend. Niet alleen in nieuwe producten, zoals de pencee, maar ook in apparatuur. Zo schafte Jan Schaafsma, die in 1964 de zaak had overgenomen, een peperdure oven uit Duitsland aan. Dergelijke inversteringen hebben er mede toe geleid dat bakkerij Schaafsma bleef, waar andere bakkers brodeloos werden. Het was ook Jan Schaafsma die zich steeds meer ging toeleggen op het banketbakken.